Factcheck: eerherstel voor het keukentrapje.

Veel risico’s zijn stukken groter en reëler dan de kans om te overlijden door terreur, dus waarom wordt er dan regelmatig een triviaal keukentrapje bijgehaald? Wie zoekt in historie en statistieken vindt uiteindelijk een oubollige Hollandse beeldspraak voor dodelijke val-ongelukken in huiselijke kring.

Arno van ‘t Hoog

“Het is tegenwoordig een gepaste gewoonte: na elke aanslag komt er wel iemand op de proppen met bagatelliserende woorden, en die eindigen dan vaak met het argument van het ‘keukentrapje’. Wat ze daarmee bedoelen? Statistisch gezien is de kans groter om thuis tijdens het koken omver te kukelen dan slachtoffer te worden van een terroristische aanslag.” Özcan Akyol heeft niet veel op met de vergelijking tussen terreur en huishoudrisico’s. [AD 20-6-2017] Hij noemt het “een laconieke stijlfiguur voor mensen die niet verder willen kijken”.

Ik heb bij benadering geen idee hoe vaak de reductio ad keukentrapje (*) de afgelopen drie jaar op radio, tv en krantenpagina heeft gefigureerd, maar Akyol heeft volgens mij wel een punt. Het keukentrapje heeft een bijzondere status verworven in discussies over terreurdreiging. De dodelijke reputatie van een alledaags gebruiksvoorwerp moet de angst voor kleinere terreur-risico’s relativeren.

Dat gaat meestal zo: “We moeten de autoriteiten een beetje vertrouwen. En beseffen dat terrorisme in Nederland nog steeds een relatieve dreiging is. De kans dat je sterft in het verkeer of door van een keukentrap te vallen is nog altijd groter dan dat een kogel van een terrorist je treft.” [Terrorismedeskundige Bibi van Ginkel in Trouw 23-11-2015]

Op basis van cijfers

Of vergelijkbaar: “Moeten we nu bang worden? Och, wie fietst, autorijdt, de motor neemt of zelfs maar een keukentrapje beklimt, neemt feitelijk ongehoorde risico’s als de cijfers worden vergeleken met de kans dat je door een terroristische aanslag om het leven komt. Zo bezien geen zorgen dus en lekker door blijven leven. Hooguit een beetje opletten.” [Rob de Wijk in Trouw 3-10-2014]

Akyol vindt de vergelijking tussen terreur en trapjes ongepast, al twijfelt hij niet aan de statistieken of de relatieve risico’s van een keukentrap beklimmen en een terroristische aanslag. “Het keukentrapje is vermoedelijk, op basis van cijfers, veel bedreigender dan fundamentalisten die andersdenkenden haten, maar het heeft niet dezelfde ontwrichtende werking op een samenleving.”

Prive-ongevallen

Ik ben eens gaan zoeken naar steun in de statistieken en krantenarchieven. Noem het puzzelen. Want wie speurt naar cijfers over de dodelijkheid van de keukentrap, vindt namelijk geen pasklare antwoorden.

Volksgezondheidenzorg.info turft met behulp van onder meer CBS-data bijvoorbeeld dodelijke privé-ongevallen, waar je dood-door-keukentrap onder zou mogen verwachten. Privé-ongevallen zorgen voor veel medisch letsel en ziekenhuisbezoek. En daarbinnen is ‘vallen’ een serieus probleem als het gaat om gezondheid en sterven. “Vallen is de belangrijkste oorzaak van op de spoedeisende hulpafdeling behandelde letsels door privé-ongevallen (53%, 240.000; gegevens uit 2011). Bij mensen vanaf 55 jaar ontstaat na een val vaak een heupfractuur.”

Risico voor ouderen

Een klein deel van de privé-ongevallen loopt dodelijk af. In 2011 overleden daardoor 2.800 personen. Veruit de meeste doden vallen in de categorie 75 jaar en ouder. Oorzaken of toedracht staan er niet bij vermeld. Geen woord over de keukentrap. Als keukentrapcijfers bestaan, zouden daarin verstopt moeten zitten. Hoe dan ook: ongespecificeerd ‘vallen’ is een belangrijke doodsoorzaak onder senioren. Overigens zijn na 2011 zijn geen nieuwe cijfers beschikbaar, omdat sterfte door privé-ongevallen niet meer afzonderlijk worden geregistreerd, meldt Volksgezondheid.info.

Sterfte door prive-ongevallen in 2011. Vooral een risico voor ouderen, en ‘vallen’ is daarin een belangrijke oorzaak. Bron: Volksgezondheid.info

Locatie en scenario

Veiligheid.nl doet gelukkig wel meer onderzoek naar oorzaken met een Letsel Informatie Systeem (LIS). Dat levert een reeks grafieken en factsheets over de belangrijkste categorie van doden en gewonden door val-ongelukken: 65-plus. “Het aantal valongevallen blijft stijgen, vooral onder 85-plussers. Elke dag overlijden negen 65-plussers aan de gevolgen van een val en elke vijf minuten komt een oudere op de spoedeisende hulpafdeling na een (privé-)valongeval.” In 2015 zijn 3.260 65-plussers overleden als gevolg van een val-ongeval, blijkt uit de LIS-statistieken.

Veiligheid.nl kijkt ook naar de locatie en scenario van de val. Zeg maar het waar (straat, keuken, badkamer) en het hoe (struikelen, uitglijden). We kunnen zo wellicht de keukentrap statistisch profileren.

Vaste trap en ladder

Eerst de statistieken van gewonden door val-ongelukken, die het ziekenhuis bezoeken. Wat locatie betreft: thuis gebeuren veruit de meeste val-ongelukken (45%), een kleiner deel op straat. Wat scenario betreft: de categorie ‘Val van trap of ladder’ is relatief klein met 10%. Maar wel interessant, want het klinkt naar keukentrap.

Echter, de uitsplitsing kent maar twee smaken. De ene omschrijft ‘vaste trap’, en dat is met acht van de tien van de gevallen veruit de belangrijkste. De andere is ‘ladder’ en stelt veel minder voor. De keukentrap wordt niet expliciet genoemd.

Bezoek aan eerste hulp na een prive-ongeval, gerubriceerd naar val-scenario. Bron: factsheet vallen 65 jaar en ouder, Veiligheid.nl

De statistieken van val-ongelukken met dodelijke afloop geven helaas nog minder informatie. Er wordt alleen gekeken naar ‘val van hoogte’ en ‘val gelijk niveau’. Die eerste groep is bijvoorbeeld een val uit bed, de tweede is struikelen of uitglijden. In ‘val van hoogte’ zou mogelijk de keukentrap verstopt kunnen zitten.

Terzijde: als je kijkt naar het soort medisch letsel in deze dodelijke categorie, dan zijn heupfracturen (44%) en hersenletsel (24%) het belangrijkst. En heupfracturen treden vooral op bij ouderen; het CBS had dat ook al gesignaleerd.

Val-ongelukken en hun gevolgen voor mensen van 65 plus. Bron: Veiligheid.nl

Keukentrap-penetratie

Goed, statistici hebben de voorbije decennia geen reden gezien om van ‘keukentrap’ een aparte categorie te maken in de cijfers van val-ongelukken en val-doden. Mogelijk zegt dat iets over het belang van het keukentrapje in het dagelijks leed dat Nederlanders kan overkomen.

Tot slot weten we helemaal niks over keukentrap-penetratie in de Nederlandse samenleving. Hoeveel huishoudens hebben zo’n killer onder de trap of in de gangkast staan? Misschien is de keukentrap wel een uitzonderlijk bezit geworden, of wordt ie zelden gebruikt (de mijne komt hooguit eens in de twee jaar van zolder). Die kennis over gebruik zou ook iets kunnen suggereren over de rol van de keukentrap in leven en dood.

Oude krantenberichten

Rest de knagende vraag waarom het keukentrapje bij sommigen op een voetstuk staat in het bewustzijn van risico’s. Een mogelijke verklaring zijn media: misschien is er in het verleden vaak bericht over keukentrap-ongelukken, waardoor het een onderdeel is gaan vormen van het ‘collectief bewustzijn’. Berichten kunnen bijvoorbeeld een eigen leven gaan leiden in moralistische vertellingen over dodelijke huishoudongelukken. Die theorie is onmogelijk afdoende te bewijzen, maar het klinkt wel gestudeerd, dus vooruit.

De onfortuinlijke val van acteur Johan te Slaa haalde op 17 maart 1971 de Telegraaf. Een keukentrap bleek de boosdoener. Beeld via Delpher

Dodelijke ongevallen

Een zoektocht van een uur in krantenarchief Delpher met de term keukentrap(je) in uiteenlopende combinaties met ongeval, ongeluk, overleden, levert geen kruiende massa nieuwsberichten.

Wel zie je dat kranten verspreid over het land vaak hetzelfde keukentrap-nieuws hebben gebracht. Redacties vonden het blijkbaar vermeldenswaard. Zo kreeg in 1938 een bericht over een 51-jarige huisopzichter landelijk aandacht. Hij viel van een keukentrap op een stenen trapportaal en overleed. In 1966 was er een vrijwel identiek geval, wat de rubriek gemengde berichten in aardig wat krantentitels haalde.

Bron: De Gooi en Eemlander 27-1-1938 via Delpher

Verder viel in 1963 een man, staand op een keukentrap, door het tuimelraam waaraan hij stond te sleutelen en overleed. In 1990 overkwam een andere klusser iets soortgelijks, toen hij met keukentrap ruiten verving op z’n balkon, z’n evenwicht verloor en zeven meter naar beneden viel. Minder aandacht kreeg een 25-jarige Amsterdamse werkster die in 1937 van de onderste trede van een keukentrapje gleed, op haar achterhoofd viel en stierf.

Bron: Nieuwsblad van het Noorden 16-12-1963 via Delpher

Dit is ongetwijfeld geen volledig overzicht van dodelijke keukentrap-ongevallen in de krant, maar de globale indruk is niet dat er in een tijdsbestek van honderd jaar veel aandacht is geweest. Daar ligt waarschijnlijk niet de sleutel tot begrip van het beeld van de keukentrap als massamoordwapen.

Kernenergie en keukentrap

Opvallend genoeg duikt het keukentrapje ook twee keer op in artikelen over risico’s van kernenergie, naar aanleiding  van het kernongeval van Three Mile Island in Harrisburg op 28 maart 1979. Het zijn de vroegste vermeldingen van de keukentrap in risico-discussies die ik tot nu toe heb gevonden. Misschien zit daar ergens de historische oorsprong van het trapje in hedendaagse risico-discussies.

“De problemen met de kerncentrale in Harrisburg onderstrepen het feit dat techniek risico’s meebrengt. Dat is niet nieuw. Autorijden en vliegen zijn ook niet zonder gevaar, de landbouwtractor heeft al vele slachtoffers geëist en zelfs het keukentrapje is niet onschuldig”, schrijft NRC op 4 april 1979 in een artikel dat gaat over risicobeleving door burgers. Dat klinkt bekend.

Rasmussen rapport

Het Nederlands Dagblad schrijft op 17 april 1979 kritisch over risicoberekeningen rond kerncentrales en de vergelijking met andere gevaren. De krant verwijst daarbij naar het Amerikaanse Rasmussen rapport “dat aantoonde dat alles gevaarlijker is dan kernenergie: autorijden, vliegen, skiën, wandelen, op een keukentrapje klimmen enz.”

Het Rasmussen rapport verscheen in 1975 en heette officieel WASH-1400, ‘The Reactor Safety Study‘. Daarin wordt een vergelijking gemaakt met uiteenlopende overlijdensrisico’s, met als slotsom dat kernenergie relatief ongevaarlijk is. In de jaren na verschijnen zijn de berekeningen, redenaties en conclusies van het rapport door veel onderzoekers en instanties naar de prullenbak verwezen.

Geen belangrijke oorzaak

In het rapport staat een mooie tabel met oorzaken van vroegtijdig overlijden in de VS in 1969. Bovenaan staan auto-ongelukken, de tweede plek is voor val-ongelukken (“Falls”). Helemaal onderaan staan kerncentrales.

Tabel met relatieve risico’s op overlijden. Vallen staat op nummer twee. Bron: wikipedia

Rasmussen zegt niks over keukentrapjes, al maakt Nederlands Dagblad dat er wel van. De vertaalslag van Amerikaans dodelijk val-ongeluk naar Hollandse keukentrap blijkt snel gemaakt. Dat is eigenlijk nog steeds het geval. Velen zien de grote getallen van de val-ongeluk statistieken en denken spontaan aan een keukentrap. Daar is verder geen logische reden voor.

Een dodelijk val-ongeluk treft meestal 65-plussers die struikelen in en om het huis danwel een misstap maken op een vaste trap. Die groep is minder vast ter been en een val leidt sneller tot ernstige verwondingen, ziekenhuisopname, complicaties en overlijden. Het keukentrapje zal daarbij wellicht soms een rol spelen. We weten het niet. De keukentrap is in ieder geval niet de belangrijkste oorzaak.

Hollandse metafoor

De kans om door een val te overlijden verschilt hoe dan ook sterk per leeftijdscategorie. Val-ongeluk statistieken gaan daardoor niet over de gemiddelde Nederlander, die met de keukentrap-vergelijking gerust gesteld zou moeten worden.

Een voorzichtige conclusie: het keukentrapje is een wat oubollige Hollandse metafoor voor dodelijke ongelukken in huiselijke kring. Deze beeldspraak zweemt bovendien wat naar de jaren vijftig van Buisman, groene zeep en granito keukens.

Onvergelijkbare gebeurtenissen

Huiselijke ongelukken zijn het toonbeeld van iets waar niemand bang voor is en toch behoorlijk wat oudere mensen door overlijden. Op die manier worden val-ongeluk statistieken onder het label keukentrapje met enige bravoure de discussie over terreurdreiging binnen gesjouwd.

Ironisch is het wel, een beeldspraak die niet zichtbaar wortelt in de werkelijkheid, aangedragen door deskundigen die het publiek met ‘harde feiten’ willen overtuigen dat hun angst irrationeel is.

Dat staat allemaal los van de filosofische vraag of je het risico op totaal onvergelijkbare gebeurtenissen wel met elkaar moet vergelijken.Want een ding is duidelijk: de kans op overlijden door terreur is erg klein. Gemiddeld 30 doden per jaar in heel Europa, volgens deze deskundige. Bijna alle risico’s in de mensenleven zijn groter. Inderdaad: er vallen veel meer doden door een struikelpartij in huis of een uitglijder op de – let wel – vaste trap.

Wordt terreur echt minder dreigend van die triviale wetenschap? Het gekke is dat we in het debat over gevaren van kernenergie lang geleden zijn opgehouden met zulke  vergelijkingen.

Hoe dan ook: de verdenkingen tegen het keukentrapje zijn uiterst mager. Hoog tijd voor rehabilitatie.